Article

08.05.2018

Wet insolventie van ondernemingen: herbekeken en verbeterd

De nieuwe wet op de insolventie van ondernemingen is in werking getreden op 1 mei 2018. Ze bevat heel wat wijzigingen op het vlak van gerechtelijke reorganisatie, faillissement, bestuurdersaansprakelijkheid, enz.

De nieuwe wet van 11 augustus 2017 werd in september gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en geldt voor alle insolventieprocedures die vanaf 1 mei 2018 worden geopend. Of er veel verandert? En of! Naast een samensmelting van de bestaande regelgevingen – de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen (WCO) en de Faillissementswet van 8 augustus 1997 – wordt ook het insolventierecht grondig vernieuwd. Waarom precies? De wetgeving ter zake wordt op die manier een stuk coherenter en als geheel ingevoegd in Boek XX van het Wetboek van Economisch Recht (WER). De nieuwe wet, die volgens de minister van Justitie "een sprong naar het recht voor morgen" is, vloeit onder meer voort uit de Europese regelgeving rond insolventie en een reeks arresten van het Grondwettelijk Hof en het Hof van Cassatie. Deze uniformisering zal het onderscheid tussen 'insolventie' en 'faillissement' bovendien nog verder versterken en het ondernemerschap stimuleren door in te zetten op de 'tweede kans'.

Insolventie voor (bijna) iedereen

Met deze nieuwe wetgeving wordt niet alleen gezorgd voor meer harmonie en informatisering in de aanpak, maar wordt ook het toepassingsgebied van de insolventieprocedures fors uitgebreid. Tot nu toe konden namelijk enkel 'handelaars' failliet verklaard worden, maar voortaan kunnen zo goed als alle 'ondernemingen', inclusief vrije beroepen, gebruikmaken van de reorganisatieprocedures of hun faillissement aanvragen. En zij niet alleen... Want ook landbouwvennootschappen (die al een beroep konden doen op de WCO), vzw's, eigenaarsverenigingen of iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent (zelfs zaakvoerders en bestuurders van vennootschappen) vallen nu binnen het toepassingsgebied van de wet. Een veel bredere opvatting dus waarin het begrip 'onderneming' voortaan als referentie wordt gebruikt.

Ruimte voor een 'tweede kans'

Een van de aspecten waarop deze nieuwe wetgeving inzet, is de 'tweede kans'. Hierbij worden ondernemers aangemoedigd om een nieuwe start te nemen, bijvoorbeeld via een herstructurering van hun activiteiten of door een snellere doorstart na een faillissement. Dat komt tot uiting in een aantal nieuwigheden:

  • De modernisering van het minnelijk akkoord buiten een gerechtelijke reorganisatie zodat het aantrekkelijker en 'veiliger' wordt voor de schuldeiser. Daarnaast is er nu ook een 'ondernemingsbemiddelaar' die de onderneming in moeilijkheden begeleidt bij de voorbereiding van het akkoord.
  • Bij de gerechtelijke reorganisatie zien we geen grote verrassingen: de drie bestaande vormen blijven behouden, maar bepaalde regels worden verduidelijkt zodat ze beter aansluiten bij de praktijk.
  • De bepalingen betreffende het faillissement gaan tot slot in dezelfde richting en moeten de te goeder trouw failliet verklaarde ondernemer toelaten een 'fresh (and quick) start' te nemen.

Bestuurdersaansprakelijkheid

De samenhang van de regels op het vlak van de aansprakelijkheid van bestuurders van bedrijven in moeilijkheden (uitgezonderd natuurlijke personen) werd eveneens herzien. Deze regels worden voortaan uitgebreid naar alle 'ondernemingen' (behalve enkele uitzonderingen, onder meer voor natuurlijke personen, kmo's en vzw's). Er zijn drie specifieke gevallen: het aanzuiveren van de schulden bij een bewezen ernstige fout, de niet-betaling van sociale bijdragen en het onredelijk voortzetten van verlieslatende activiteiten.

Article

06.06.2019

Babyboomers met pensioen: hoe de opgebouwde kennis behouden?

Het is intussen een vaststaand feit: de vergrijzing van de Belgische bevolking is meer dan ooit een uitdaging waar bedrijven een oplossing voor moeten vinden. Hoe vermijden we een leegloop van bekwaamheden wanneer al die oudere werknemers met pensioen gaan?

Volgens de cijfers van Robert Half gaan de komende jaren ca. 700.000 babyboomers met pensioen. En dat mag niet verbazen, want 50-plussers zijn op de arbeidsmarkt de best vertegenwoordigde leeftijdscategorie. Maar wat erger is: binnenkort zou het goed kunnen zijn dat de verhouding nieuwkomers vs. uitstappers voor het eerst in de geschiedenis negatief uitvalt. Al die mensen die met pensioen gaan, nemen uiteraard een schat aan kennis en competenties met zich mee. Zaak is om die niet verloren te laten gaan ... De komende jaren worden dus van doorslaggevend belang. 

Een bedreigde schat

Bedrijven zijn zich terdege bewust van het dreigende gevaar van die ‘braindrain’ en van het belang om daar iets tegen te doen. Maar waarover hebben we het dan precies? Bepaalde experts zien twee soorten kennis: expliciete en stilzwijgende. Expliciete kennis verwijst naar alles wat gestructureerd en gedocumenteerd kan worden. Stilzwijgende kennis is meer persoonsgebonden en slaat op de ervaring van een werknemer, zijn denk- en beoordelingsvermogen en zelfs zijn buikgevoel. Logischerwijze toont onderzoek aan dat in hoe grotere mate kennis codificeerbaar, aanleerbaar en aantoonbaar is, des te gemakkelijker de kennisoverdracht verloopt. En daar zit ‘m de moeilijkheid: we moeten omstandigheden creëren waarin de babyboomers hun verworven kennis en ervaring kunnen overdragen op de nieuwe generatie werknemers.

Van onschatbare waarde

Om het met Churchill te zeggen: “Wie het verleden vergeet, heeft geen toekomst”. Dus moeten we ervoor zorgen dat alle competenties en kennis worden doorgegeven vóór ze weg zijn. Een serieuze uitdaging, maar beslissend voor het voortbestaan van ondernemingen. Voor de human resources enerzijds, aangezien de blijvers zichzelf en hun prestaties kunnen verbeteren. Maar de kennisoverdracht tussen ‘anciens’ en de jongere generatie heeft anderzijds ook een impact op de commerciële resultaten (concurrentievoordelen, financieel gewin, kostenverlaging enzovoort), op de relatie met de klanten (kwaliteit van het aanbod, getrouwheid enz.), op de interne processen en op de innovatiekracht van het bedrijf.

Transversale maatregelen

Eerst en vooral moeten bedrijven zich bewust worden van de noodzaak om in actie te komen. Daarna moeten ze zichzelf één cruciale vraag stellen: hoe creëren we de juiste omstandigheden voor die kennisoverdracht en hoe overbruggen we de kloof die ontstaat door het vertrek van de babyboomers? Bedrijven hebben er alle belang bij om in te grijpen op drie afzonderlijke vlakken:

  1. Individueel: de motivatie van de werknemer — of hij nu ‘houder’ is van de kennis dan wel ‘ontvanger’ — is van doorslaggevend belang voor het welslagen van de kennisoverdracht. Bijvoorbeeld:
    • Het verzette werk naar waarde schatten, maar ook al wie erbij betrokken was, zodat een kennisoverdrachtscultuur ontstaat waarbij iedereen de erkenning krijgt die hij of zij verdient;
    • Alle geleverde inspanningen juist omkaderen aan de hand van professionele ontwikkelingsvooruitzichten (verrijking voor iemands werk of functie enz.);
    • Loonvoordelen aanbieden;
    • Of de geboekte vooruitgang op regelmatige basis opvolgen.
  2. Interpersoonlijk: ook de kwaliteit van de relatie speelt een sleutelrol. Een factor die gestimuleerd wordt door de bedrijfscultuur. Met andere woorden: het feit dat iedereen binnen het bedrijf er gemeenschappelijke visies en waarden op nahoudt. Zo kan een gemeenschapszin gemakkelijker groeien en bloeien, wat de communicatie en het op één lijn zitten ten goede komt.
  3. Organisatorisch: kennisoverdracht verloopt gemakkelijker in flexibele en horizontale (minder hiërarchisch gestroomlijnde) structurenen in bedrijven waar druk genetwerkt wordt, waar polyvalentie een belangrijke waarde is en waar het nemen van beslissingen in grote mate wordt gedelegeerd.

Wat houdt dat concreet in?

Cruciaal in dit verhaal is uiteraard het uitwerken van een kennisoverdrachtsstrategie. Die moet de verschillende maatregelen opsommen die genomen worden om het verdwijnen van de bestaande kennis tegen te gaan. Enkele voorbeelden:

  • Intergenerationele teams vormen of samenwerkingsverbanden aangaan;
  • Structurele opleidingssessies voor alle werknemers organiseren;
  • Mentoraatprogramma’s, begeleidingstrajecten en coaching op poten zetten tussen seniors en juniors, met name om de overdracht van de ‘stilzwijgende’ kennis te bevorderen;
  • Managers en HR-afdelingen sensibiliseren en opleiden;
  • Ook investeren in nieuwe technologieën is belangrijk om de beschikbare informatie te delen en door te geven;
  • ‘Officiële’ tijd vrijmaken is een cruciaal aspect om werknemers echt bij dat proces te betrekken.

Globale aanpak

De kwestie van de kennisoverdracht moet kaderen in een ruimere aanpak waarbij ook de aanwerving en het aan zich binden van talenten een rol speelt. Slim nieuwe mensen aanwerven én behouden is belangrijker dan ooit!

Article

23.05.2019

Hoe gaat jouw bedrijf om met geopolitieke risico's?

William De Vijlder, Group Chief Economist van BNP Paribas, zoomt in op de toenemende geopolitieke onzekerheid.

Iedereen is het erover eens: de toenemende handelsspanningen, de stijgende invoertarieven en de verstrakking van het monetaire beleid van de VS deden de wereldeconomie in de tweede helft van vorig jaar steeds duidelijker vertragen. Hoewel er nog tal van andere oorzaken zijn. In Europa speelde de onzekerheid omtrent de brexit mee, naast sectorspecifieke kwesties zoals de nieuwe emissienormen voor de automobielsector. En er was onzekerheid op verschillende vlakken: over de economie (de internationale gevolgen van de Chinese vertraging), over het economisch beleid (het monetaire beleid van de Federal Reserve), over de politieke beslissingen (zachte of harde brexit, Italiaanse begroting) en over de geopolitiek (de toenemende handelsspanningen tussen China en de VS lijken immers om meer te draaien dan het bilaterale handelstekort).

Geopolitieke onzekerheid neemt toe

Onderzoek van de media-aandacht voor geopolitieke spanningen toont aan dat de geopolitieke onzekerheid sinds de eeuwwisseling gemiddeld hoger is dan in de jaren negentig. Het hogere gemiddelde heeft te maken met de frequentere onzekerheidspieken, veroorzaakt door gebeurtenissen zoals 9/11, de oorlog in Irak, de Arabische lente, de Krim, Syrië, terroristische aanslagen enzovoort. Deze gebeurtenissen wijzen erop dat de geopolitiek nu een breed scala aan onderwerpen omvat en veel verder gaat dan het oude concept van hoe landen hun macht internationaal projecteren en reageren op het gedrag van andere landen.

Uit empirisch onderzoek blijkt dat een toename van de geopolitieke risico's weegt op de industriële productie, de tewerkstelling, de internationale handel en het consumentenvertrouwen. En waar bepaalde gebeurtenissen een kortstondige economische impact kunnen hebben, omdat de onzekerheid na een piek vrij snel afneemt, kunnen geopolitieke bedreigingen (zonder dat er per se iets moet voorvallen) tot een aanhoudende toename van de onzekerheid leiden en dus een langduriger effect hebben. Het moeizaam oplossen van de onzekerheid (“hoe lang moeten we nog wachten tot we de uitkomst kennen?”) is duidelijk zichtbaar in de reacties op het uitstel van de brexit-deadline.

Topprioriteit of niet?

De krantenberichten over geopolitieke risico's mogen dan talrijk zijn, te oordelen naar de analyse in het Global Risks Report 2019 van het World Economic Forum zijn bedrijven de laatste jaren bezorgder over de klimaatverandering en cyberaanvallen. Bij de beoordeling van hun waarschijnlijkheid en impact scoren deze kwesties bovengemiddeld, terwijl geopolitieke kwesties rond het gemiddelde zitten. Maar dat is genoeg om ervoor te zorgen dat bedrijven er bijzondere aandacht aan besteden, gezien de macro-economische tegenwind die langdurige onzekerheid teweegbrengt en de mogelijke niet-lineaire gevolgen van risicogebeurtenissen. Een complexe problematiek dus, maar de voornaamste vragen bij onzekerheid zijn toch: hoe kunnen we ze monitoren, wat is onze blootstelling en hoe gaan we ermee om. De follow-up is het gemakkelijkste aspect van de drie, want aan onderzoek over geopolitieke thema's is geen gebrek. Er zijn zelfs hoogwaardige, op media gebaseerde onzekerheidsindicatoren gratis beschikbaar op het internet.

“De spanningen tussen de VS en Turkije in de zomer van vorig jaar waren van korte duur, maar ze herinneren ons eraan dat ondernemingen van tevoren moeten bepalen hoe ze met kortstondige of aanhoudende verhogingen van geopolitieke risico's omgaan.” William De Vijlder, Group Chief Economist, BNP Paribas

Rechtstreekse en onrechtstreekse blootstelling

De beoordeling van de blootstelling is al complexer, met name wanneer het gaat om onrechtstreekse blootstelling. Bovendien moeten we niet alleen beoordelen welke geopolitieke bedreigingen of gebeurtenissen een impact kunnen hebben op ons bedrijf, maar ook, en dit is moeilijker, in welke mate. Bij rechtstreekse blootstelling gaat het om de volgende vragen:

  • Heeft de geopolitieke onzekerheid invloed op hoe en waar we produceren (welke grondstoffen, welke intermediaire inputs, hoe complex is de waardeketen wereldwijd)?
  • Heeft ze invloed op de markten waarin we verkopen?
  • Heeft ze invloed op onze financieringskosten, onze toegang tot financiering, het gebruik van onze liquiditeitstroom, de repatriëring van buitenlandse winsten?

Bij de analyse van onrechtstreekse blootstelling zijn de vragen uiteindelijk dezelfde, maar de kanalen zijn verschillend, complexer en dus moeilijker om te beoordelen. De globalisering heeft bedrijven in staat gesteld om hun klantenbestand te verbreden en hun kostenbasis te verlagen, maar men kan met een lichte overdrijving stellen dat ze daardoor om het even waar getroffen kunnen worden, door om het even wat. Wanneer de VS en China onderhandelen over handel, kan dit voor andere landen gevolgen hebben wanneer het handelsverkeer erdoor wordt verlegd (het onschuldige-omstandersyndroom). Er kan ook sprake zijn van politieke besmetting, wanneer onrust zich van een bepaald land uitbreidt naar andere landen die met soortgelijke problemen kampen. Financiële markten kunnen fungeren als versneller of als transmissiekanaal. De steeds hardere toon tussen de VS en Turkije in de zomer van vorig jaar heeft internationale investeerders verontrust en bijgedragen tot de aanzienlijke verzwakking van de Turkse lire. Het zorgde ook voor bezorgdheid over de financiële besmetting van andere valuta's van opkomende markten. Uiteindelijk waren de spanningen van korte duur, maar ze herinneren ons eraan dat we van tevoren moeten bepalen hoe we met kortstondige of aanhoudende verhogingen van geopolitieke risico's omgaan.

Blootstelling aanvaarden, er actief iets mee doen of vermijden

'Omgaan met' kan veel dingen betekenen: dat we het gewoon als een feit van het leven accepteren, dat we een robuuste strategie opbouwen die expliciet rekening houdt met onzekerheid, of dat we blootstelling eraan gewoonweg vermijden.

Aanvaarding van de blootstelling zou zinvol kunnen zijn als de financiële impact van risico's eerder beperkt zou zijn. De kosten van langdurige onzekerheid kunnen opgevangen worden door een voldoende hoge rentabiliteit van het geïnvesteerd vermogen aan te houden voordat geld wordt belegd.

Het vermijden van blootstelling kan gerechtvaardigd zijn als de afweging tussen rendement en (staart)risico nadelig lijkt, als het te veel de aandacht zou trekken van aandeelhouders of crediteuren, als er aantrekkelijke alternatieven voor de groei van de onderneming beschikbaar zijn, enzovoort. 'Vermijden' kan ook betekenen: 'wachten om een beslissing te nemen over een investering, maar hierbij rijst de vraag wat de opportuniteitskosten zijn van het wachten. Als een bedrijf overweegt om een fabriek in het Verenigd Koninkrijk te bouwen vóór het brexitreferendum, zijn er dan opportuniteitskosten verbonden aan het afwachten van het type brexit als er alternatieve locaties buiten het VK beschikbaar zijn? Als het waar is dat 'time is money', dan draait wachten duur uit.

De optie om een robuuste strategie op te bouwen, is de interessantste en meest uitdagende. Deze gaat uit van de vaststelling dat we actief zijn (of moeten worden) in een land (bijvoorbeeld omdat het een grote markt is of om concurrentieel te blijven), maar dat dit de blootstelling aan geopolitieke risico's kan verhogen. Bij het ontwerpen van een robuuste strategie worden verschillende scenario's geanalyseerd en uiteindelijk moet de gekozen aanpak werken in diverse omgevingen. Zonder optimaal te zijn in een specifiek geval, gewoon omdat we bij beslissingen rond onzekerheid (per definitie) niet in staat zijn om op een bepaald scenario te anticiperen. Door de geopolitieke risico's voortdurend te monitoren, is het mogelijk om zo nodig corrigerende maatregelen te plannen.

Hoe gaat uw bedrijf om met geopolitieke risico’s? Bracht u ze al voldoende in kaart? Volg voor meer info de blog van blog van William De Vijlder of abonneer u aan onze economische publicaties.
Article

27.03.2019

UBO-register: tot 30 september 2019 om te registreren

Het UBO-register (waarbij UBO staat voor Ultimate Beneficial Owner) deed op 1 januari zijn intrede. Dat register is een soort databank met alle 'uiteindelijke begunstigden' van de bedrijven. Hiermee wil de overheid de strijd tegen het witwassen van geld en de financiering van terrorisme nog verder aanwakkeren. Maar wie zijn die 'UBO's' eigenlijk en wat moeten bedrijven precies doen?

Wie zijn de 'UBO's'?

De bedoeling is om een centraal en up-to-date register aan te leggen van alle 'uiteindelijke begunstigden' in ons land. Die 'UBO's' kunnen variëren naargelang de juridische entiteit waaraan ze verbonden zijn. Voor de bedrijven zijn dat:

  • de vennoten of aandeelhouders die rechtstreeks of onrechtstreeks beschikken over meer dan 25% van de aandelen of het kapitaal van de vennootschap of meer dan 25% van de stemrechten;
  • de natuurlijke personen die zeggenschap hebben over het bedrijf via andere middelen (een aandeelhoudersovereenkomst, het recht om de leden van de raad van bestuur te benoemen, een vetorecht enz.);
  • indien niemand in deze twee categorieën kan worden geïdentificeerd, dient het hoger leidinggevend personeel te worden geregistreerd. In dat geval moet deze keuze door het bedrijf worden toegelicht, gegrond en gedocumenteerd.

Bij een vzw of een stichting zijn de uiteindelijke begunstigden de volgende (in deze volgorde): de leden van de raad van bestuur, de personen die gemachtigd zijn om de vereniging te vertegenwoordigen, de personen belast met het dagelijkse bestuur, de stichters van een stichting en de natuurlijke personen in wier belang de vzw of stichting werd opgericht.

Welke informatie moet u meedelen?

Belangrijke verduidelijking: indien er in het bedrijf meerdere 'UBO's' zijn, moeten deze allemaal in het register worden opgenomen. De gegevens die u in de toepassing dient in te voeren, variëren vervolgens naargelang de categorie van uiteindelijke begunstigde ... In de eerste plaats wordt u gevraagd om identificatiegegevens in te voeren (naam en voornaam, geboortedatum, nationaliteit, volledig verblijfsadres, rijksregisternummer enz.), de datum waarop de persoon UBO is geworden en ook de betrokken categorie(ën).

Daarnaast worden enkele aanvullende gegevens gevraagd, met name om te bepalen of het gaat om een afzonderlijke of gegroepeerde UBO (wanneer het zeggenschap voortvloeit uit de coördinatie met meerdere personen) en een rechtstreekse of onrechtstreekse UBO (in dat laatste geval moet ook het aantal tussenliggende entiteiten worden aangegeven, alsook hun identificatie – in punt 4.3 van de FAQ van de FOD Financiën wordt uitgelegd hoe u een indirecte uiteindelijke begunstigde dient te identificeren). Tot slot wordt ook het percentage aandelen of stemrechten gevraagd. De registratie is overigens ook verplicht voor een buitenlandse UBO of een UBO die in een ander land verblijft.

Online en vóór 30 september!

Elk bedrijf heeft dus enkele maanden de tijd om zijn registratieplicht te vervullen. De deadline (oorspronkelijk 31 maart) werd immers tot 30 september 2019 verlengd. Ook de procedure werd 'vereenvoudigd': u kunt uw begunstigden registreren via de speciaal daartoe voorziene toepassing op het MyMinFin-portaal (voor burgers) of MyMinFinPro (voor de wettelijke vertegenwoordigers van een juridische entiteit). De fiscale overheid zorgde bovendien voor enkele gebruikershandleidingen, zowel voor de wettelijke vertegenwoordigers van het bedrijf als voor de mandatarissen.

Altijd up-to-date

Na de registratie wordt de 'uiteindelijke begunstigde' door de Administratie van de Thesaurie op de hoogte gebracht van zijn inschrijving. Bovendien moeten de UBO's het register ook verplicht bijwerken. De informatie moet immers correct, nauwkeurig en actueel zijn: alle wijzigingen moeten dus binnen de maand worden meegedeeld. Bedrijven moeten overigens elk jaar bevestigen of de gegevens in het kadaster correct zijn.

Fikse boete bij niet-naleving

Niemand twijfelt eraan dat de bedrijven wel degelijk zullen doen wat de fiscus hen vraagt. De boetes die de wetgever oplegt, kunnen immers oplopen van 250 tot wel 50.000 euro. Die boetes worden opgelegd aan de bestuurders, of in voorkomend geval aan een of meerdere bedrijfsleiders.

Wie heeft toegang tot het register?

Naast uiteraard de bevoegde autoriteiten, hebben ook bankinstellingen en het grote publiek toegang tot de databank. De toegang is evenwel betalend en beperkt tot een bepaalde hoeveelheid informatie. Bovendien wordt de raadpleging van de gegevens geregistreerd en bewaard gedurende een periode van tien jaar. Iedereen kan tot slot vragen om zijn informatie (volledig of gedeeltelijk) te verbergen bij de raadpleging ... Die vraag tot afwijking kan ook worden ingediend via het elektronische platform. Zo'n afwijking betekent echter niet dat u uw gegevens niet hoeft te registeren.

Hebt u hierover toch nog bijkomende vragen? Dan kan u terecht op het daartoe voorziene e-mailadres van de fiscale administratie: ubobelgium@minfin.fed.be.

Article

21.02.2019

Een toekomst vol risico's? Het klimaat en cyberaanvallen spannen de kroon!

De situatie wereldwijd was nooit eerder zo gespannen. Onze planeet staat voor steeds meer en steeds complexere uitdagingen die meer dan ooit met elkaar te maken hebben. En dat zorgt voor almaar meer onzekerheid bij de economische spelers. De risico's blijven toenemen, maar welke verontrusten de bedrijven het meest?

Onze planeet staat voor enorme uitdagingen. De tragere groei, het klimaat, het voortbestaan van de ongelijkheid, de geopolitieke spanningen of de steeds snellere technologische revolutie zijn daar maar een paar voorbeelden van. Het World Economic Forum (WEF) deed samen met risicomanagementspecialist Marsch & McLennan Companies en verzekeringsgroep Zurich een onderzoek dat uitmondde in de veertiende editie van het rapport 'Global Risks 2019'. In dat rapport delen duizenden bedrijfsleiders wereldwijd hun grootste bezorgdheden voor de toekomst.

Klimaatuitdagingen op kop

Sinds enkele jaren domineren de klimaatrisico's de resultaten van het onderzoek, terwijl ze in 2009 nog niet eens in de top vijf stonden! Dit jaar wegen ze zelfs nog zwaarder door in de rangschikking, met name als we kijken naar wat onze aarde mogelijkerwijs te wachten staat. Zo vinden we volgende risico's in de top drie: extreme weerfenomenen, de mislukte afzwakking van en aanpassing aan de klimaatverandering en natuurrampen. De bedrijven zijn er bovendien van overtuigd dat deze gebeurtenissen – naast een eventuele watercrisis – een enorme impact zouden kunnen hebben op de gezondheid en de sociaal-economische ontwikkeling, maar ook op ons welzijn, de productiviteit of de veiligheid in bepaalde gebieden. Een duidelijk teken dat de bedrijfsleiders deze risico's ernstig nemen. Als oplossing eisen ze niet alleen een grotere betrokkenheid van de politiek, maar ook betere maatregelen om te anticiperen op de gevolgen voor de toekomst. In diezelfde lijn onderstreept het onderzoek de negatieve invloed van opeenvolgende mislukkingen zoals het Akkoord van Parijs over het klimaat of de meer recente COP24.

Online oplichting baart zorgen ...

Online oplichting is een van de angsten die bedrijfsleiders wereldwijd het meest bezighoudt. De technologie evolueert voortdurend en zorgt er tegelijkertijd voor dat bedrijven die onvoldoende voorbereid zijn steeds kwetsbaarder worden. Bedrijfsleiders zijn dan ook vooral bezorgd om fraude (met name identiteitsfraude), gegevenslekken en cyberaanvallen. De mogelijke gevolgen van die risico's zijn dan ook niet te verwaarlozen. Verschillende schandalen over gestolen privégegevens en de toenemende dreiging van fake news, dikken het gevoel van dreiging nog meer aan. Bovendien mogen we niet vergeten dat hackers steeds deskundiger te werk gaan en dat ook zij gretig gebruik weten te maken van nieuwe technologieën zoals artificiële intelligentie. In dat opzicht is het dus geen verrassing dat zowel de economische spelers als de overheden zich almaar beter willen beschermen.

Het gewicht van geopolitieke spanningen

Ook opmerkelijk in het rapport is dat bedrijven zich meer dan ooit zorgen maken over de handels- of politieke oorlogen die momenteel aan de gang zijn. Zeven van de tien voornaamste risico's voor 2019 hebben te maken met de negatieve geopolitieke situatie. Meer dan 90 % van de deelnemers van de enquête verwacht immers een versterking van de economische conflicten en geschillen tussen de grootmachten. De conflicten die het meest worden gevreesd, zijn de handelsoorlog tussen China en de Verenigde Staten, de toenemende instabiliteit in verschillende landen en de aangekondigde hard Brexit. De grote meerderheid van de bedrijfsleiders verwacht bovendien dat de multilaterale handelsakkoorden en -regels uitgehold zullen worden. Tot slot maakt ook de onzekerheid op het vlak van nationale of regionale regelgeving het de bedrijven er niet makkelijker op. Zo wordt het bijvoorbeeld steeds moeilijker om beleids- of investeringsbeslissingen te nemen of om succesvolle handelsmodellen te reproduceren.

En dan is er ook nog het systeemrisico ...

Bovenop al deze elementen, wijst het rapport ook nog op een aantal andere, macro-economische risico's zoals de grotere volatiliteit op de financiële markten, de grillen van de globalisering, de wereldwijde schuld (bijna 225 % van het wereldwijde bbp) of de voorziene vertraging van de groei (onder meer in China). Het zeer omvangrijke rapport gaat bovendien nog een stapje verder en breidt zijn analyse uit naar verschillende andere parameters zoals de – zeker niet te onderschatten – impact van deze onzekere context op het menselijk kapitaal en de arbeidsmarkt.

Discover More

Contact
Close

Contact

Klachten

Zou u onderstaande vragen kunnen beantwoorden? Zo kunnen wij uw aanvraag sneller en op een meer geschikte manier behandelen. Alvast bedankt.

U bent zelfstandige, oefent een vrij beroep uit, start of leidt een kleinere, lokale onderneming? Ga dan naar onze website voor professionelen.

U bent particulier? Ga dan naar onze website voor particulieren.

Is uw onderneming/organisatie klant bij BNP Paribas Fortis?

Mijn organisatie wordt bediend door een Relationship Manager:

Uw boodschap

Typ de code die in de afbeelding wordt getoond:

captcha
Check
De Bank verwerkt uw persoonsgegevens overeenkomstig de Privacyverklaring van BNP Paribas Fortis NV.

Bedankt

Uw bericht is verzonden.

We antwoorden u zo snel mogelijk.

Terug naar de huidige pagina›
Top